Frank

Stel je voor, van Maastricht tot Middelburg en van Lobith tot Rotterdam en Kampen, een lint met mooie bijenkasten, bij alle dorpen die door de rivieren worden aangedaan. Bij al die dorpen staan de kinderen te smikkelen van zoveel lekkers en begrijpen direct het nut van bijen, bloemen en dus van natuur! Dit heb ik als uitgangspunt in mijn achterhoofd.

frankSinds 2011 ben ik in de Gelderse Poort begonnen als imker. Niet omdat ik bijen nu zo leuk vond, maar veel meer uit belangstelling voor de vraag, wat er nu precies met die bijen aan de hand is of zou zijn. En dan vooral in relatie tot de kwaliteit van het landschap, waar die bijen direct van afhankelijk zijn. Tot mijn verbazing is er tot nu toe weinig uitwisseling op het grensvlak tussen de imkerij, de natuurbeweging en de agrarische sector. Terwijl bijen en alles wat daar bij komt kijken, prachtige ambassadeurs voor de natuur kunnen zijn én voor de landbouw van onschatbare waarde.
En mijn bijen bleken al heel snel goede ambassadeurs. Regelmatig vertel ik er over, komen mensen uit de polder op bezoek, het werkt dus, zoals ik gehoopt had. En bij dit soort gesprekken, met zo een duidelijke boodschap, kan je het makkelijk hebben over het inrichten van kruidenranden langs agrarische randen: dat wordt een logische volgende stap.bijenkindertjes

Zomer 2011 kreeg ik, vlak voor het inwinteren, een eerste volk. Dit kwam goed de winter door en was eind maart al volop aan het stuifmeel en nectar halen. We hebben het land (ongeveer 1 ha) zo ingericht, dat het hier ook voor bijen goed toeven is: veel hoogstamfruit, veel inlandse struiken (met een spreiding in bloeitijd), een hooiland, dat pas laat in juli gehooid wordt en, misschien wel het belangrijkste, uiterwaarden vlakbij met tot diep in het najaar allerlei belangrijke drachtplanten: in zomer en najaar bijvoorbeeld massaal Gulden roede, Moerasspirea, diverse Honingklavers e.d. Alles begint trouwens in het voorjaar met de bloei van diverse soorten wilgen, met bovendien heerlijke honing.
Dat volk heb ik al vroeg laten zwermen, de kast puilde al begin mei uit. Het volk was niet te houden en als biologisch imker verhinder ik dan het zwermen niet, maar laat het afkomen. Dan vormen zich de sterkste nieuwe bijenvolken! Zo een zwerm van nabij meemaken, is overigens een echt feest, fenomenaal, hoe 20.000 bijen elkaar zo weten te vinden, in een minutenlange dans. Nadat ik deze zwerm geschept had, heb ik het in de avondschemer in een nieuwe kast geklopt en na 2 nachten weer de kast open gezet. Zo waren de bijen aan de nieuwe situatie en elkaar gewend en had ik mijn tweede volk. Inmiddels heb ik op deze wijze 6 volken verkregen en ook nog vele andere imkers blij gemaakt met hier geschepte zwermen.
Dat eerste volk, in mijn eerste kast, heeft gedurende het voorjaar waanzinnig veel honing gemaakt: in een paar maanden had ik al zo een 35 kg honing geslingerd! In verschillende rondes, met steeds weer andere smaken. Zoveel honing is vrij bijzonder. Maar eigenlijk is het wel te begrijpen, als je goed om je heen kijkt, naar het landschap. Ons stukje land, midden in het dorp en dichtbij de tegenwoordig wat natuurlijker uiterwaard, is een optimale plek voor honingbijen: ze kunnen vroeg in het voorjaar beginnen met stuifmeel van wilgen en hazelaar, het fruit en in het najaar vliegen ze lang door op de Gulden roede en andere lang doorbloeiende uiterwaardplanten. Ideaal dus.

Dankzij de natuurontwikkeling in de Nederlandse uiterwaarden, is er nu een robuust lint van bloeiende rivier begeleidende natuurgebieden, van Maastricht tot Kampen en van Lobith tot Rotterdam. Zo een plekje als wij in de Ooijpolder hebben, is natuurlijk geweldig, maar niet uniek. Het komt op steeds meer plaatsen langs de rivieren voor. Ik vertel graag over de mogelijkheden om dit elders ook voor elkaar te krijgen.

Frank Saris: frank@bijendichterbij.nl